
Ik hou van de nacht, de rust en de veiligheid van de nacht. Het
liefst ga ik er dan op uit, op de motor, en dan zo snel mogelijk
weg van de stad, de natuur in. Naar de Kempen, de Veluwe of… en
daar draai ik m'n hand ook niet voor om, even naar Luxemburg
rijden. Ben je ook zo hoor.
Ga in gedachten even met me mee…beeld je even in; we rijden dus
door een gebied met veel natuur. We genieten van de nachtelijke
rust; niemand op straat, de weg vrijwel voor jezelf. Bossen en
velden links en rechts… De koplampen banen zich een weg door het
duister, een laag boven de grondse nevel licht op en maakt vredig
ruimte om ons erdoor te laten, om ons achter met een rood
oplichtende werveling na te zwaaien. De koele nevel brengt de
geuren van de omgeving rechtstreeks en ongefilterd in onze helmen,
de neus in… dennenbossen, mos, grasvelden. We zitten er
middenin.
Midden in een bebost stuk maken we een stop. De motor gaat uit
en tikt nog wat na…tik…tik…tik.. In de verte horen we een uil. De
wind ruist zachtjes door de boomtoppen en verteld het verhaal van
de nacht. Zachtjes ritselt er wat.. loopt er een egel? of een
muisje? Na een paar minuten zijn je ogen gewend aan het donker en
blijkt dat de maan en de sterren voldoende licht bieden om het
mystieke van de bossen te zien. Sommige mensen vinden het eng dat
je niet kunt zien of er iemand in het duister naar je staat te
kijken, maar andersom is ook waar… stél dat er iemand staat dan
ziet'ie ons ook niet. De deken van de nacht beschermt iedereen.
Licht is pas eng. Maar wees gerust, er staat niemand. Echt
niet.
We besluiten weer op te stappen. We hebben niet gepraat en dat
moet ook niet. Met een brom komt de motor tot leven. Het licht doet
even zeer aan de ogen, en daar gaan we weer. Terug naar huis. Over
een paar uurtjes gaat de wekker en moet er weer gewerkt worden.